Handboek auteursrecht (deel 13): andere intellectuele eigendomsrechten en andere relevante wetgevende kaders
Dit dertiende deel van het Handboek auteursrecht handelt over andere intellectuele eigendomsrechten en andere relevante wetgevende kaders dan het auteursrecht, maar die wel relevant zijn bij de realisatie van diverse erfgoedprocessen (zoals bv. archivering en ontsluiting).
Andere relevante intellectuele eigendomsrechten
Octrooien, merken, modellen
Binnen de bibliotheek- en archiefsector staan auteursrecht en naburige rechten centraal in discussies rond de juridische aspecten inzake digitalisering, ontsluiting en hergebruik van collectiemateriaal. Maar de implicaties reiken verder. Ook andere intellectuele eigendomsrechten kunnen beperkingen opwerpen, zoals de bescherming van databanken of van software. Ook octrooien, tekeningen en modellen, en merken kunnen beschermd zijn.
Rechten door creatie of door registratieIntellectuele eigendomsrechten is een verzamelnaam voor wettelijke bescherming op creaties en producten. Sommige, zoals het auteursrecht, ontstaan automatisch bij de creatie van een werk. Andere, en met name octrooien, tekeningen en modellen, en merken moeten geregistreerd worden bij een officiële instantie om bescherming te krijgen. De registratie geeft de houder rechten voor een bepaalde regio en periode.
OctrooienEen octrooi beschermt een technische uitvinding die nieuw, inventief, industrieel toepasbaar en geoorloofd is. Een bekend historisch octrooi is dat van Edison op de gloeilamp. Een geoctrooieerde uitvinding mag enkel door of met toestemming van de rechtenhouder commercieel geëxploiteerd worden. De duurtijd van dit recht is beperkt tot 20 jaar - met een uitzondering tot 25 jaar voor farmaceutische producten. Archieven en bibliotheken kunnen vooral stuiten op geoctrooieerd materiaal bij technische tekeningen, handleidingen of prototypes in recente collecties.
Tekeningen en modellenDe uiterlijke vormgevingskenmerken van producten en gebruiksvoorwerpen kunnen bescherming krijgen als tekening of model wanneer ze nieuw zijn en een eigen karakter hebben. Bij een ontwerp van een tweedimensionaal product, bv. het patroon van behangpapier, spreken we van het tekeningenrecht. Bij het ontwerp van een driedimensionaal product, bv. een schoen, van het modellenrecht. De houder van dit recht kan derden verbieden om een product waarin identieke tekeningen of modellen vervat zitten op de markt te brengen. De duurtijd is maximaal 25 jaar. Recente collecties met mode, architectuur, industriële vormgeving of gebruiksvoorwerpen, kunnen objecten of ontwerpen bevatten die beschermd zijn door het tekeningen- of modellenrecht.
MerkenEen (woord)teken kan als merk geregistreerd en beschermd worden wanneer het onderscheidend, toelaatbaar en beschikbaar is. Een merk kan zowel het logo als een naam beschermen. Een bekend voorbeeld is het Nike-logo (de “Swoosh”). Het merkenrecht geeft de houder een exclusief verbodsrecht waardoor hij derden kan verbieden het merk te gebruiken voor identieke of gelijkaardige diensten in de betrokken regio. De geldigheidsduur is 10 jaar maar verlenging kan onbeperkt aangevraagd worden. Veel archieven en bibliotheken beheren materiaal waarin merktekens voorkomen, zoals historische advertenties, verpakkingen, of bedrijfscorrespondentie.
Cumulatieve beschermingDeze rechten beschermen de houder tegen ongeoorloofde concurrerende commerciële exploitatie. Voor archieven en bibliotheken die een publieke taak hebben is het risico om hierop zelf een inbreuk te maken bij erfgoedbeheer eerder beperkt. Wanneer zij eigen merchandising, promotiemateriaal, content, interfaces of platformen creëren, stijgt dit risico wel. Een groter risico ontstaat wanneer creaties ook voldoende oorspronkelijk zijn om in aanmerking te komen voor auteursrechtelijke bescherming die automatisch cumulatief optreedt en ook bescherming biedt buiten de context van handelsactiviteiten. Het grafisch ontwerp van een logo zal bijvoorbeeld vaak zowel door het merkenrecht als het auteursrecht beschermd zijn. Zolang materiaal auteursrechtelijk beschermde elementen bevat, kan het enkel gebruikt worden mits voorafgaandelijke toestemming van de rechthebbende(n) of binnen geldende wettelijke uitzonderingen voor bibliotheken en archieven.
Andere relevante wetgevende kaders
Bescherming van persoonsgegevens
[IN VOORBEREIDING]Openbaarheid en open data
Wat is de PSI-richtlijn?
De zogenaamde PSI-richtlijn is de Europese richtlijn inzake overheidsinformatie (Public Sector Information). Deze bestaat reeds sinds november 2003, maar ze werd in juni 2013 herzien. Naar aanleiding hiervan werden in juni 2015 in Vlaanderen het decreet over het hergebruik van overheidsinformatie en het decreet over het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer (het zogenaamde ‘e-gov decreet') aangepast. Met deze wijzigingen wil men een aantal obstakels wegwerken opdat hergebruik van overheidsinformatie op grote schaal mogelijk wordt. Bovendien wil men de overheden in Vlaanderen laten aansluiten bij de groeiende opendatabeweging in Europa.
Het Decreet tot wijziging van het decreet van 27 april 2007 betreffende het hergebruik van overheidsinformatie en het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer heeft betrekking op bestuursdocumenten. Dit zijn de dragers, in welke vorm ook, van informatie waarover overheidsinstanties beschikken. Elke instantie die onder het decreet valt, dient het hergebruik van de bestuursdocumenten waarover ze beschikt toe te staan, zowel voor commerciële als niet-commerciële doeleinden, overeenkomstig de bepalingen van het decreet.
In geval van hergebruik stelt de instantie de bestuursdocumenten zoveel mogelijk via elektronische weg beschikbaar in de al bestaande formaten of talen en, voor zover mogelijk en passend, in een open en machinaal leesbaar formaat, samen met hun metagegevens. Zowel het formaat als de metagegevens voldoen voor zover mogelijk aan formele open standaarden.
Waarom zijn deze aanpassingen relevant voor de cultureelerfgoedsector?
Onder de overheidsinstanties kunnen ook bepaalde cultureel-erfgoedinstellingen vallen, zelfs wanneer zij niet zijn opgericht bij of krachtens de Grondwet, een wet, decreet of ordonnantie. Dit is het geval wanneer zij in hun werking bepaald en gecontroleerd worden door rechtspersonen bij wie dit wel het geval is, of belast zijn met de uitoefening van een taak van algemeen belang of voor zover zij een taak van algemeen belang behartigen en beslissingen nemen die derden binden. Ook bibliotheken (met inbegrip van bibliotheken van instellingen voor hoger onderwijs), musea en archieven kunnen hierdoor dus binnen het toepassingsgebied vallen.
De bibliotheken (met inbegrip van de bibliotheken van instellingen voor hoger onderwijs), de musea en de archieven bepalen, in tegenstelling tot andere instanties, met betrekking tot hun bestuursdocumenten wel autonoom of het hergebruik van deze bestuursdocumenten is toegestaan voor zowel commerciële als niet-commerciële doeleinden en onder welke voorwaarden. Het afwijkend regime voor bibliotheken, musea en archieven betekent in de praktijk dat er geen verplichting is (vooral m.b.t. ter beschikking stellen voor commerciële doeleinden), er een hogere vergoeding dan marginale kosten kan worden aangerekend en dat exclusiviteitsovereenkomsten in het kader van digitaliseringsprojecten toegelaten zijn.
Wat is het verband tussen het auteursrecht en de PSI-richtlijn?
Het Decreet tot wijziging van het decreet van 27 april 2007 betreffende het hergebruik van overheidsinformatie en het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer bepaalt dat het niet van toepassing is op bestuursdocumenten waarop een instantie niet de nodige rechten heeft om hergebruik toe te staan. Dus documenten die onder de bescherming van het auteursrecht vallen en waarvan de rechten niet zijn geklaard door de bibliotheek, het museum of archief, vallen dus niet onder de toepassing van het decreet. Dit is echter wel het geval voor documenten die niet (langer) onder de bescherming van het auteursrecht vallen of waarvan de rechten zijn geklaard voor hergebruik. Documenten waarvan de rechten enkel zijn geklaard voor niet-commercieel hergebruik door derden, moeten niet ter beschikking worden gesteld voor commercieel hergebruik.
Andere delen van het Handboek auteursrecht
Het Handboek auteursrecht bevat nog 16 andere delen. Je kunt deze raadplegen door op de onderstaande links te klikken.
- Juridisch kader:
- Deel 1: auteursrechtelijke bescherming: wat? wie? hoe lang?
- Deel 2: morele rechten en vermogensrechten
- Deel 3: beperkingen en uitzonderingen
- Deel 4: naburige rechten
- Deel 5: portretrecht
- Deel 6: bescherming van databanken
- Formeel kader:
- Tools:
- Deel 10: de IPR-checklist
- Deel 11: modelovereenkomsten voor een licentie, een overeenkomst tot overdracht en een vrijwaringsclausule
- Deel 12: gestandaardiseerde rechtenverklaringen
- Andere intellectuele eigendomsrechten en andere relevante wetgevende kaders:
- Veelgestelde vragen:
- Deel 14: veelgestelde vragen i.v.m. de bepaling van de rechtenstatus
- Deel 15: veelgestelde vragen i.v.m. online publicatie
- Deel 16: veelgestelde vragen i.v.m. collectieve beheersvennootschappen
- Bronnen en referenties:
Auteurs Handboek auteursrecht
- Barbara Dierckx (PACKED vzw)
- Sam Donvil (PACKED vzw / meemoo, Vlaams instituut voor het archief)
- Rony Vissers (PACKED vzw / meemoo, Vlaams instituut voor het archief)
- Ellen Van Keer (meemoo, Vlaams instituut voor het archief)
Persistente URI:
https://id.kbde.be/019811f5-5850-71e7-a8f3-2fc649fa7619Organisatie
Licentie
- CC-BY-SA
Type
Collectie
Expertisedomein
Deze pagina is laatst aangepast op 24 september 2026
Zie je geen video? Pas dan je cookieinstellingen aan onderaan deze pagina: Cookie policy Klik op ‘verander uw toestemming’ vlak boven de tabel en vink ‘voorkeuren’ en ‘statistieken’ aan.