Ga verder naar de inhoud

Definitie

Het veld 'naam collectie' documenteert de naam van een specifieke collectie binnen de organisatie.

Invulregels

Instructie:

Wanneer de naam van de collectie in een publiek toegankelijke bron geregistreerd is (MUSIP, Archiefbank Vlaanderen, ...), gebruik dan deze naam.

Voorbeeld:

Handschriften
Muller
Schilderijen
Van Nell
Wagenmakersgereedschap
Fanfarecorps der Genie
Persoonlijke documenten
Tweede Wereldoorlog
Volksdevotie
Stadshistorie
Spyker
Glaswerk


Instructie:

De meeste musea hanteren van oudsher een dergelijke groepering van objecten binnen de eigen instelling. Die groepering kan ontwikkeld zijn op basis van de voor de betreffende objecten gebruikte materialen (collectie "zilverwerk", collectie "aardewerk"), op basis van herkomst (collectie "Van Kempen", collectie "Afrika"), op basis van functie of context (collectie "kerkelijke voorwerpen", collectie "handel en economie"), etc.

Voorbeeld:

zilverwerk
aardewerk
Van Kempen
Afrika
kerkelijke voorwerpen
handel en economie


Instructie:

Opmerking voor Nederland: Neem de (deel)collectienaam uit de databank van het Museum Inventarisatie Project (MUSIP) over (http://www.musip.nl). Begin de collectienaam bij voorkeur met een hoofdletter, omdat dit ook de schrijfwijze is die in MUSIP voor deelcollectienamen is gehanteerd.

Voorbeeld:


Instructie:

Het verdient, in ieder geval voor musea in Nederland, de voorkeur elk object slechts tot één collectie te laten behoren. Dit is namelijk de manier waarop het begrip (deel)collectie wordt toegepast in de "Handreiking bij het schrijven van een collectieplan" en binnen het Museum Inventarisatie Project (MUSIP).

Voorbeeld:

Persistente URI:

https://id.kbde.be/0195d194-4b0f-707f-adce-b7d0af09e9fb